Ongeneeslijk Religieus: lezing over het kwaad

Hoe kun je sinds Auschwitz nog geloven in een God die het beste voorheeft met de mens? Het is één van de belangrijkste redenen dat mensen niet meer geloven vandaag de dag. En toch wordt er in de theologie en de filosofie maar weinig over nagedacht. Filosoof en theoloog Gerko Tempelman schreef hierover in zijn boek Ongeneeslijk Religieus. Tijdens deze bijeenkomst staat hij stil bij de vraag naar het kwaad en hoe het verder moet na Auschwitz. 

Lezing Stroom Academy
God en Auschwitz
hoe het kwaad ons moderne mensen maakte
Hoe kun je sinds Auschwitz nog geloven in een God die het beste voorheeft met de mens? Het is één van de belangrijkste redenen dat mensen niet meer geloven vandaag de dag. En toch wordt er in de theologie en de filosofie maar weinig over nagedacht. Filosoof en theoloog Gerko Tempelman schreef hierover in zijn boek Ongeneeslijk Religieus. Tijdens deze bijeenkomst staat hij stil bij de vraag naar het kwaad en hoe het verder moet na Auschwitz.

De dag dat jij en ik zondig werden

De zonde – het houdt miljoenen mensen ’s nachts wakker. Maar ooit werd het uitgevonden, zou je kunnen zeggen. Ook in jouw leven.

Misschien kun je je eerste zonde vast nog wel herinneren. Een snoepje jatten uit de kast van moeder. Of stiekem lang wakker blijven als je eigenlijk al moet slapen. Of erger.

Of je zegt: zonde? Wat maakt iets een zonde? Gaat het hier om echte fouten of om een aangepraat geweten?

Het antwoord op die (filosofische) vraag wordt door verschillende (religieuze) tradities uitgebreid behandeld. Meestal in verhaalvorm. Zoals in dit verhaal:

Adam en Eva…

…woonden in een perfecte tuin en hadden alles wat hun hartje begeerde. Als ze zich maar aan die éne regel hielden: niet eten van de ‘boom van kennis van goed en kwaad’. Lang verhaal kort, ze doen het toch. De eerste zonde ooit. Vanaf nu, suggereert het verhaal, wist de mens niet alleen wat goed was, maar ook wat fout was.

En sindsdien, zegt de christelijke traditie, zondigen mensen continu. Ook kinderen. Ongehoorzaamheid aan mensen of God, daar begint de zonde. En ja, een snoepje jatten hoort daar ook bij.

Er zijn boeken over volgeschreven. Over de mens, de zonde en God. En er is druk over gefilosofeerd, van Augustinus (rond 400) tot Nietzsche (rond 1900). Het idee ontstond dat zonde zò erg is, dat je er misschien wel eeuwig voor zou moeten boeten. In de hel.

Nietzsche en de boom

Maar de filosoof Nietzsche zegt iets anders. We zijn ‘voorbij goed en kwaad’, zegt hij. Want God is dood. En als God dood is, wie vertelt dan nog wat goed en kwaad is? Is een snoepje stelen kwaad? Of hebben we alleen maar last van een (aangepraat) geweten?

Je zou haast kunnen zeggen dat Nietzsche het verhaal van Adam en Eva tot een hoogtepunt brengt. Kennis van goed en kwaad voor de mens, maar dan echt. Want er is niemand anders meer die waarborgt wat goed en kwaad is (God is immers dood?), we moeten het zelf doen.

Adam en Eva (2)

Je kunt het verhaal van Adam en Eva ook anders lezen. Bijvoorbeeld op de manier die in de Joodse traditie voorkomt. Dan gaat het verhaal zo:

Adam en Eva, de eerste mensen staan voor jouw eerste levensjaren. Wat was je gelukkig. Wat had je weinig zorgen. Wat zag de wereld er interessant en boeiend uit. Totdat je dat snoepje stal. Of er gebeurde iets anders vreselijks. Je verloor iemand, je kreeg ruzie, mensen verlieten je.

En sindsdien had je kennis van goed en kwaad. Van het feit dat de wereld er niet zo mooi uitzag als je altijd dacht. Je bent misschien nog steeds bezig om je tot die boom van kennis te verhouden.

Meer

bekijk ook m’n blog: je bent gek als je niet in de hel gelooft

bekijk hier een filmpje over Augustinus’ ideeën over goed en kwaad (6,5 minuut)

Godsbewijs: het argument van het kwaad

Het argument van het kwaad is het meest gegeven argument tegen het bestaan van God. In dit blog in de serie ‘godsbewijs’ sta ik erbij stil.

Serie: godsbewijs

In de serie ‘God or not’ wordt drie keer een godsbewijs (en hun weerleggingen) uit de geschiedenis behandeld. Maar er zijn ook argumenten tegen het bestaan van God. Dit is de meest gebruikte: het argument van het kwaad.

Een extreem voorbeeld

Let op: het onderstaande filmpje is vrij plastisch.

Een kleuter in China wordt aangereden door een auto, blijft hulpeloos en bloedend op de grond liggen en er gaan zeker tien mensen voorbij en geen van hen grijpt in.

Het kind heeft het niet overleefd.

Een filmpje van de situatie deed (begrijpelijkerwijs) veel stof opwaaien in China en de rest van de wereld. Wat gebeurt hier en hoe kan het dat mensen hier zomaar aan voorbij gaan?

Bijna iedereen die dit filmpje bekijkt (of het verhaal kent) zal zeggen: ik zou zeker hebben ingegrepen.*

Moraal

Maar waarom eigenlijk? De 10 passanten hebben misschien wel hele goede redenen om niet in te grijpen: ze krijgen er vieze handen van, ze krijgen misschien wel de schuld en ze zien nare dingen van dichtbij.

De meeste mensen zullen zeggen: het is moreel om dat te doen. Het is ethisch, het hoort zo. Het is een schande als je het niet doet, ook al krijg je er vieze handen (en meer) van.

Naar het argument

Het argument van het kwaad als bewijs dat God niet bestaat, lijkt hier een beetje op. Dit argument begint door ervan uit te gaan dat er een God is, en maakt gebruik van wat pakweg alle religies wel ongeveer over zo’n God geloven:

  1. God is algoed (hij wil het goede)
  2. God is alwetend (hij weet alles)
  3. God is alvermogend (hij kan alles)
  4. Er bestaat kwaad in de wereld
  5. dus: God bestaat niet

Want iemand die weet heeft van alle kwaad, er alles aan kan doen en sowieso al aan de kant van het goede staat, zou sowieso ingrijpen.

Excuus

Of anders gezegd: anders dan de voorbijgangers in het filmpje heeft God geen excuus voor kwaad in de wereld:

  • Hij kan niet zeggen: ‘ik wist niet wat er aan de hand was’, want God is alwetend
  • Hij kan niet zeggen: ‘ik kon niks doen’, want God is alvermogend.
  • En hij kan niet zeggen: ‘het maakt mij niet uit’, want God wil het goede.

Hoe kan het dan toch zo zijn dat er zoveel kwaad en lijden is in de wereld? Conclusie: God en het kwaad gaan niet samen. Een van beide moet eruit. Het kwaad bestaat overduidelijk en overal. Dus dan kan God niet bestaan.

Om door te denken:

Er valt veel voor dit argument te zeggen (en er valt ook het een en ander tegen in te brengen, dat doen we in een volgend blog). Voor nu wijzen we nog even op twee interessante gedachten.

1. Mensen die dit argument bekritiseren doen dat vaak op de stelling ‘God wil het goede’. Want volgt uit God’s algoedheid noodzakelijk dat hij in elke situatie het goede wil? Dat is misschien niet vanzelfsprekend. Denk maar aan de tandarts. Die doet je nu pijn, maar je wordt er wel beter van.

Aan de andere kant: we hebben het hier over serieus lijden (bijvoorbeeld van dat Chinese jongetje). In zo’n geval zeggen we vaak: er is geen excuus. Hier moet je ingrijpen, klaar.

2. Het probleem van het kwaad is veel belangrijker voor mensen van nu dan voor mensen van vroeger. In onze tijd is lijden iets waar we verontwaardigd over zijn. Voor de Verlichting was het iets dat bij het leven hoorde. Hoewel er ook in de middeleeuwen en oudheid over werd nagedacht, schijnt het probleem van het kwaad niet de impact te hebben gehad die het nu heeft.

En jij?

Wat denk jij ervan? Vind je het een goed argument? Is het iets dat voor jou ook zeggingskracht heeft?

* Ik heb dit voorbeeld overgenomen van een Ted-Filmpje van Peter Singer (dat overigens over iets anders gaat).

Godsbewijs: tegen het argument van het kwaad

In de serie ‘godsbewijs’ komt het argument van het kwaad voorbij: hoe kan er een God zijn met zoveel ellende? Maar het argument overtuigt niet iedereen.

Serie: godsbewijs

In de serie ‘God or not’ wordt drie keer een godsbewijs (en hun weerleggingen) uit de geschiedenis behandeld. Maar er zijn ook argumenten tegen het bestaan van God. Dit is de meest gebruikte: het argument van het kwaad.

Argument van het kwaad

In het vorige blog werkten we het argument van het kwaad uit. We herhalen hem hier even:

  1. God is algoed (hij wil het goede)
  2. God is alwetend (hij weet alles)
  3. God is alvermogend (hij kan alles)
  4. Er bestaat kwaad in de wereld
  5. dus: God bestaat niet

We zeiden ook dat de meeste tegenargumenten ingaan op punt 1: volgt uit ‘God is algoede’ altijd dat hij nu het goede wil? Als God een tandarts was, zou je willen dat hij je soms even pijn doet om erger te voorkomen.

Wat God niet kan

Pas in de afgelopen 40 jaar is er een ander antwoord gekomen op het probleem van het kwaad. Deze gaat niet in op punt 1 (hierboven), maar punt 3. Kan God wel alles?

Kan God een steen scheppen die hij zelf niet kan optillen?

Lastig te zeggen. In beide gevallen (ja of nee) kan hij iets niet. En misschien is God dus ook wel niet zo alvermogend als je zou denken.

Wat God nog meer niet kan

God kwaad vrije wil

Alvin Plantinga (die uitgesproken Christelijke is trouwens) stelt: God kan niet alles. De bovenstaande meme laat God’s onvermogen zien. Plantinga stelt: God kan de volgende twee dingen niet combineren:

  1. een wereld scheppen met mensen erin die een vrije wil hebben
  2. een wereld scheppen die algoed is.

Mensen met vrije wil kunnen namelijk kiezen voor kwade dingen. En God kan niet allebei de stellingen waarmaken. Of hij zou een wereld hebben moeten scheppen met alleen robots (wezens zonder vrije wil), of hij moest gaan voor de vrije wil, maar dan met het risico op kwaad.

Wacht, we zijn nog niet klaar

Voordat je allerlei dingen inbrengt hier tegen in (hoe zit dat dan met dieren? En natuurgeweld?), moeten we even terug naar waar we mee bezig waren: onderzoeken of het ‘argument van het kwaad’ overtuigend bewijst dat God niet bestaat.

  • Het argument van Plantinga zegt daarover: het argument zegt God en het kwaad gaan niet samen, maar dat is niet zo. Het is mogelijk dat ze samengaan. Dus het argument is ongeldig.
  • Het argument van Plantinga zegt niet: dit is een overtuigend bewijs voor het bestaan van God (want dat is het niet).

Tja.

Het argument van Plantinga is een strikt logisch argument. Een argument waarvan wordt beweerd dat de meeste filosofen dit wel een geldige redenering vinden. Ook als ze zelf niet in God geloven.

Zelfs als je hem gelijk geeft, blijft er nog veel overeind. Bijvoorbeeld dat het bestaan van het kwaad God’s bestaan wel onwaarschijnlijk maakt. Of gewoon heel concreet: dat als het kwaad jou ongenadig treft, je zelf niet meer kunt geloven in God.

En?

En daarmee blijft het hersengymnastiek. Dit is een moeilijke, logische redenering. Daarbij is de regel: laat je eigen gedachten hierover los en controleer of het argument logisch valide is. Wat denk jij ervan?